Bert's Louisa
De Achhterhoek
F.  procumbens
Herps Helicopter Die Schöne Wilhelmine
Bloemen Jetje
Braamt's Glorie
Dragon Quest

Nederlandse Kring van Fuchsiavrienden

Regio 5 , Twente-Salland

Bloemen Jetje
Hilda
Dorrian Brogdale
Eruption
Estrellas
Hage Gepeto
Fina Creten
Bert's Louisa
Home Nieuws Verzorging De Fuchsiagroet Historie Links
Bestuur Activiteiten Fuchsia info Tuinen van leden Weetjes 30 jaar


Verzorging

  • Het geven van water
  • Groeivoorwaarden
  • Tips voor het aanplanten en verzorgen winterharde fuchsia's.
  • Vaste Plant
  • Winterharde Fuchsia's

 

Wat is bruikbaar?
Wie geen enkel risico wil lopen, plant natuurlijk F.magellanica riccartonii, ook internationaal gezien de bekendste winterharde fuchsia. Overigens wordt "riccartonii" ook wel beschouwd als een hybride. De slanke bloemen zijn dieprood met wat paars. De hoogte ligt tussen 75 en 125cm. De plant is zeer sierlijk en bloeit vanaf eind juni tot eind september begin oktober, drie maanden dus en dat kan van weinig heesters of vaste planten worden gezegd.
Het is niet helemaal duidelijk wat nu de verschillen zijn tussen de gewone soort var.gracilis en riccartonii. Waarschijnlijk worden ze ook door elkaar verkocht.
Erg leuk is ook F. magellanica var. malinae (ook als Alba en var. alba bekend) met bijna witte bloemen.
Aurea is zwakgroeiend met geelgroene bladeren. Variegata heeft witbonte bladeren. Cultivars met afwijkende bladkleur bloeien overigens minder rijk.

De volgende hybriden zijn redelijk tot goed winterhard.
- Bernisser Hardy - rood en roodpaars.
- Clovendale Pearl - lichtroze en wit
- Madame Cornelissen - scharlaken rood en wit, half gevuld.
- Mercurius - rood en paars
- Mrs Popple - helderrood en heel donkerpaars
- Peggy King - roze en pioenrood, lipbloemig
- Saturnus - rood en lichtpaars
- Rozeachtig wit, zilverwit bont blad
- Tom Thumb - karmijnrood en mauvepaars
- Hawkshead - wit
- Delta Star - wit en lichtpaarsblauw
- Flocon de Neige - rood en wit
- Whitenight Pearl - witroze

De boven genoemde hybride cultivars zijn niet overal te koop, behalve F.magellanica en zijn vormen moet men bij gespecialiseerde fuchsiakwekers te rade gaan.

Wat is winterhard?
Winterhard is een tamelijk moeilijk definieerbaar begrip. Voor fuchsia's geldt dat geen enkele soort of cultivar als volkomen winterhard wordt aangemerkt. Toch maken de almaar zachtere winters het verantwoord fuchsia's toe te passen en als vast planten te beschouwen.
Mocht er echter weer een elfsteden winter komen dan zal die zeker voor schade zorgen. Ook in de jaren zeventig zagen we dat veel toegepaste Erica cinerea cultivars niet tegen de strenge winters opgewassen bleken.
Aan de andere kant zien we een aantal gewassen als Viburnum Tinus, Photiniaxfraseri Red Robin, bepaalde Eucalyptus- en palmsoorten, Olea europaea, Ficus carica, Lavatera en Passiflora in onze winters nauwelijks knop geven. Al jaren is het advies om Oleander buiten tegen een zuid-muur in de volle grond te planten: dan krijgt men eindelijk eens een plant die rijk bloeit en zijn knoppen niet laat vallen. Ze zullen best ooit eens verongelukken maar het is altijd beter dat slecht bloeiende exemplaren heen en weer te slepen en in de winter een goede plek voor te kunnen vinden, om van dop- en schildluisinvasies maar te zwijgen.

Winterharde fuchsia's (Ned-H3) zijn variëteiten die in de winters van 1986 tot 1994 zijn uitgetest op winterhardheid op een proefveld van kwekerij Overhagen in Velp, gelegen in klimaatzone USDA-zone 8.
(De voorheen als winterhard bekend staande fuchsia's zijn getest in mildere klimaatzones in Engeland of Frankrijk. Bij de Nederlandse proef zijn ze getoetst aan een door de werkgroep opgestelde Referentienorm voor kwaliteit van de winter. In grafieken is van december tot maart van elke dag de minimum en maximum dag- en nacht temperatuur vastgelegd.
Van elke winter is tevens het vorstgetal, het aantal ijsdagen en enkele +/- beïnvloeding factoren vastgelegd (sneeuwdek - positief: harde sterk uitdrogende wind - negatief). In de proefperiode waren alleen de winterperioden 1986/1987 en 1990/1991 kwaliteitswinters. Tot op heden zijn er 116 variëteiten fuchsia's met predicaat Ned-H3.

Geschiedenis.
De geschiedenis van fuchsia's in West Europa is interessant maar vertoont nogal wat hiaten. Wel staat vast dat de eerste fuchsiaplanten in 1788 in Nederland verschenen. In Icones Plantarium Rariorum (Haarlem 1793) wordt al een fuchsia beschreven onder de naam Nahusia coccinea. Later is deze plant omgedoopt in Fuchsia coccinea. Maar als je de prachtige tekening van Hendrik Schwegman bekijkt lijkt deze eerder betrekking te hebben op Fuchsia magellanica.
Kenners beamen dat, vooral ook omdat Chili als vindplaats is opgegeven.
In de negentiende eeuw werden veel soorten geïntroduceerd en in 1825 is men in Engeland begonnen met kruisen.
Later volgden de Frans, Duitse en Nederlandse hybrideurs en hebben ook de Amerikanen zich zeer verdienstelijk gemaakt met het winnen van nieuwigheden.
Er zijn nu duizenden cultivars die van de botanische soorten afwijken door vooral grotere bloemen maar ook door een langduriger bloei en de meest fantastische kleuren.
Bron: Tuin & Landschap, Internet en regio 24.


Bemesting Fuchsia's

Zoals wel bekend is worden bij het opkweken van onze fuchsia's verschillende samenstelling van bemesting gebruikt.
Voor alle volledigheid geven wij hieronder een overzicht van de gebruikelijke samenstelling en de toepassing ervan:
N = stikstof P = fosfor K = kalium

N20-P20-K20 Algemeen [kan altijd gegeven worden]

N27-P15-K12 Bladvorming [voorjaar]

N10-P30-K20 Knopzetting [zomer]

N10-P52-K10 Wortelvorming en knopzetting [voorjaar en zomer]

Magnesiumsulfaat [bitterzout]: Voorkoming bladvergeling

1 volle theelepel meststof oplossen in 1 liter water
Ook bij regen bijmesten ondanks de natte potgrond
Te veel stikstof geeft een snelle groei en dus slappe planten en een teveel aan groot blad.
Jonge stekjes niet bemesten, in goede potgrond zit normaal voor ± 4 weken voeding.
Van oktober tot maart geen mest of bij veel licht en warmte een halve dosering. Laatste bemesting medio september. Bemest niet op een droge kluit, eerst goed gieten en daarna bemesten. Door overbemesting sterven haarwortels af en kunnen geen voedsel meer opnemen, kleur van het blad ziet dat blauwachtig groen.
Jonge planten die in een verwarmde ruimte overwinteren worden aan de groei gehouden door: niet alleen voeding maar vooral veel licht en temperatuur spelen een rol, houdt de potgrond zo droog mogelijk maar een vochtige omgeving creëren, sporadisch bemesten (10-52-10) geven.

Bron: DE FUCHSIAGROET mei 2003.


Botrytus

Botrytus is een schimmelziekte die ontstaat doordat de stekgrond vaak net even te nat is. Om de ziekte minder kans te geven wordt veel gebruik gemaakt van schimmelwerende middelen.
Nu het volgende: als u gaat stekken en ontdekt dat u geen schimmelwerend middel in huis heeft en u eerst op pad zou moeten gaan om dit te halen. Dan hoeft u niet verder dan de koelkast volgens een experiment in Brazilië.
Melk moet, dit heeft u dus in de koelkast staan. Als u hiervan een scheut in het gietwater doet, schijnt dit goed te werken. Er wordt niet vermeld hoe de verhoudingen moeten zijn, maar probeert u het eens met 1 deel melk op 10 delen water.
Volgens de schrijver hebben ze in Brazilië dit experiment nog niet uitgevoerd tegen roest, maar het zou te proberen zijn, roest is een zwam en dus ook een schimmelsoort.

Bron: regio 11 en DE FUCHSIAGROET november 2004.


Roest

Roest is een zwam en zit als kleine hoopjes oranjebruine sporen aan de onderzijde van de bladeren. Bij toename van de sporenhoopjes verschrompelen de bladeren.
Roest verspreidt zich erg gemakkelijk. Als u een plant ontdekt met roest moet u deze voorzichtig uit de collectie verwijderen en aangetaste bladeren wegnemen en vernietigen (dus niet op de composthoop). Weggooien van aangetaste planten is alleen maar dwaas.
De plant, na het verwijderen van de aangetaste bladeren, drijfnat bespuiten met een bestrijdingsmiddel tegen roest, ook de grond in de pot.
De meest geschikte bestrijdingsmiddelen tegen schimmelziekten zijn:
Baycor, Aglukon, AA Daconil en Denka Chloorthalonil. Maar ook andere fungiciden (bestrijdingsmiddelen), bv. tegen roest in rozen kunnen dienst doen.
Gaat u bestrijdingsmiddelen voor het eerst toepassen lees dan vooraf het gebruiksvoorschrift.
Pas op: roest is zeer besmettelijk, verspreiding is al mogelijk via uw kleding en handen.
Roestkleurig gietwater, door een hoog ijzergehalte, veroorzaakt beslist geen fuchsiaroest.
In de kas gedurende de winter kan roest optreden, dit beperkt zich meestal tot een enkele plant. In dat geval de plant kaal plukken heeft zin. Wel moet de hele collectie vervolgens met een bestrijdingsmiddel worden behandeld.
Zo is er weinig kans dat u het volgende groeiseizoen start met en roestinfectie. De zomer sporen die op een fuchsiaplant gevormd worden kunnen immers niet overleven als ze niet van fuchsia naar fuchsia gaan.

Bron: Fuchsiana, H.J. de Graaf.


Bladluizen
Als je van tuinieren houdt ben je ze vast wel een tegengekomen: bladluizen! Niets is zo vervelend als eindelijk de mooie rozenstruik in bloei te hebben en dan te merken dat hij vergeven is van de bladluizen. Gelukkig zijn er genoeg natuurvriendelijke manieren om deze beestjes kwijt te raken, om te spuiten met chemische meest giftige preparaten te voorkomen.

Tips.

  • Bemest je tuin niet te veel. Bladluizen voelen zich aangetrokken tot een hoog
    stikstofgehalte.
  • Bespuit je planten met koud water. Als je dit een paar maal achter elkaar doet
    zullen de luizen er de brui aan geven en verhuizen.
  • Plant knoflook en lavendel bij je rozenstruik en de bladluizen zullen het je niet
    in dank afnemen.
  • Je kunt ook een aftreksel maken van knoflook en daarmee je planten
    besproeien.

Overgenomen uit DE FUCHSIAGROET februari 2010.


Bonsai Fuchsia.
Uit diverse bronnen beschreven zijn fuchsia's voor bonsai heel geschikt omdat ze goed tegen het inkorten van de wortels kunnen.
Dus aan u om deze uitdaging aan te gaan en er iets van te maken.

Hieronder enige tips:

  • Bij het bonsai kweken is de normale evenwichtige vorm niet meer het streven, dus u moet er heel anders tegen aankijken. Kijk naar de vorm van de stek om de mogelijkheden van vormkweken te ontdekken.
  • Verwijder bij de plant die u als bonsai wil kweken zoveel mogelijk aarde en vezelige wortels en plaats de plant in een ondiep, liefst rechthoekig bakje.
  • Door de plant weloverwogen te snoeien en eventueel met draad te spannen kan een authentieke bonsai vorm worden verkregen.
  • Kies de beste positie in het bakje. Streef naar een bonsaiachtig effect en niet naar symmetrie.
  • Druk de aarde niet aan maar laat haar inzakken door licht te tikken tegen het bakje.
  • Geef een bonsaifuchsia nooit stikstofrijk voedsel maar een verdunde oplossing van meststof met een laag stikstofgehalte.
  • Laat de plant niet uitdrogen maar maak hem vooral niet te vochtig en plaats hem op een schaduwrijke plek.
  • Als u de grond licht besproeid zullen de wortels naar de oppervlakte groeien.
  • Met wat mos kunt u het bonsai effect verhogen.
  • Bonsaifuchsia's hoeven niet snel verpot worden maar kunnen jarenlang in hetzelfde bakje gedijen als u eens per jaar de wortels wat afsnoeit en wat verse aarde bijvult.
  • Snoei de plant bij tijd en wijle om de gewenste vorm te krijgen en te behouden.
    Veel succes.


    Bron: DE FUCHSIAGROET mei 2003

 

Nederlandse Kring voor Fuchsia Vrienden "Twente-Salland" ( Regio 5)
Design: Riet de Jager